Herald vertelt dat ze Lotje acht weken geleden naar de Universiteit in Utrecht brachten, waar bleek dat de kat ongeneeslijk ziek was. De dierenarts gaf een termijn van enkele weken. Vervolgens begonnen intensieve weken van verzorgen: veel knuffels, wassen en speciale voeding.
Herald haalt warme herinneringen op en noemt de vele koosnaampjes die Lotje kreeg. Ondanks het verdriet benadrukt hij de dankbaarheid voor de tijd die ze samen hadden en erkent dat liefde soms ook loslaten betekent.